De paradox van symbolisatie

27 januari is het 72 jaar geleden dat Auschwitz door de Russische troepen werd bevrijd. Rond die tijd wordt jaarlijks een herdenking georganiseerd in Amsterdam. Dat wij in alle vrijheid kunnen en mogen herdenken is fantastisch. Toch zijn er bij het herdenken zaken waarvan het belangrijk is dat men zich er van bewust is.

Als we kijken naar de Holocaust dan zien we dat er symbolen gecreëerd worden om ondervonden leed een gezicht te geven. Hierzijn diverse voorbeelden van. Neem bijvoorbeeld Auschwitz, dat door velen als symbool van de Holocaust wordt gezien. Of Anne Frank, als gezicht van het Joodse leed. Deze symbolen kunnen bewust tot stand zijn gekomen voor bijvoorbeeld educatieve doeleinden, juist of onbewust doordat dit door de loop der jaren een populaire vergelijking wordt in de media.

De vraag is of het wenselijk is wanneer objecten, gebeurtenissen en personen tot symbolen worden verheven. Deze symbolisering leidt tot een paradox. Waar enerzijds leed een gezicht krijgt, wordt van een ander hierdoor het gezicht ontnomen. Het leed van anderen kan hierdoor gemarginaliseerd raken. Zoals historicus Timothy Snyder stelt: “While Auschwitz has been remembered, most of the Holocaust has been largely forgotten.”[1] Denk hierbij niet alleen aan de slachtoffers die gevallen zijn in andere concentratiekampen, maar ook de slachtoffers die zijn gevallen buiten de kampen. Wanneer enkel de slachtoffers worden herdacht die om zijn gekomen in Auschwitz of de kampen betekent dit een schaalverkleining van de misdaden die zijn begaan. Dat zou misplaatst zijn. Deze simplificatie van het verleden zou kunnen leiden tot een beeld van het verleden dat niet strookt met de werkelijkheid.

Ook als we kijken naar personen die als symbool worden gezien, moeten we kritisch zijn. Neem bijvoorbeeld 'Het meisje met de hoofddoek' Settela Steinbach. De onderstaande foto is bekend bij velen. Een laatste blik vanuit de wagon waarop zij vanuit Kamp Westerbork naar Auschwitz gedeporteerd werd. Jarenlang was zij een symbool van de Jodenvervolging in Nederland. Halverwege de jaren '90 van de vorige eeuw werd daarentegen door journalist Aad Wagenaar ontdekt dat zij niet Joods was, maar een zigeuner. Hieruit blijkt de complexiteit van herdenken en de symbolisatie van personen.

De vraag die misschien bij u opkomt is of het creëren van symbolen überhaupt te voorkomen is. Dat zal onwaarschijnlijk zijn. Maar symbolisatie willen voorkomen, maakt weinig beter. Bewustwording is nog altijd belangrijker dan historische integriteit. Wees ervan bewust bij het herdenken dat de Holocaust zoveel meer en complexer dan enkel Auschwitz en Anne Frank. Wanneer men hier zich van bewust is zal herdenken nog waardevoller zijn.
____________

[1] Timothy Snyder: Black Earth, The Holocaust as History and Warning. (London, 2015) 207.

Alexander Roelfsema studeert geschiedenis aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Settela Steinbach, 1944