Het grote taboe van antisemitisme

Antisemitisme, jodenhaat. Altijd als ik erover praat, maakt het mensen ongemakkelijk. Vandaag heb ik de eerste aflevering bekeken van een nieuwe documentairereeks over antisemitisme, Kanarie in de kolenmijn. En ik hoop dat dit misschien een beetje de ogen opent voor de meeste mensen. Het word bespreekbaar. Wij moeten er gezamelijk over kunnen praten.

Ik moet zeggen dat ik eigenlijk precies zo leefde en mijn antisemitisme op dezelfde manier ervoer als interviewster Hanneke Groenteman. Ik wist dat het er was, ik wist dat het bestond, maar merkte er zelf weinig van. Ik leefde in een beschermde omgeving. Dat wil niet zeggen dat ik er nooit in aanraking mee ben geweest. Ik heb neonazi's gezien die voor mijn neus Hitlergroeten naar mij deden. Er waren mensen die spontaan afstand van me deden op het moment dat ik ze vertelde dat ik Joods ben. En ik ben vroeger op school vaker uitgescholden voor k*****-jood. Wanneer ik de problemen aankaartte deed de school vrij weinig.

Tegenwoordig woon ik in Rotterdam, en ik heb me tot zover altijd veiliggevoeld en nooit de drang gehad om weg te gaan. Toen ik na lange tijd weer eens voor de eerste keren naar de synagoge in Rotterdam ging, schrok ik echter. Er patrouilleerden soldaten. Busjes die rondreden, er was een wachttoren geplaatst. Ik liep naar mijn ouders toe in de zaal en vroeg mijn vader; 'Is dit echt nu echt nodig?' Mijn vader zei; 'Ja, dit is echt nodig, dagelijks krijgt de synagoge bedreigingen.' Ik schrok hier erg van, dit gaf me zo'n raar gevoel, alsof ik een oorlogsgebied was binnen gestapt. Uiteindelijk sprak ik in mijn kamer nog met mijn ouders over hoe ik dat ervoer, mijn moeder zei; 'Wees blij dat het er is, in mijn tijd kon dat niet, we moesten alle beveiliging zelf regelen, de overheid deed niets voor ons.' Dat brak mijn hart.

Ik draag zelf een davidsterretje om mijn nek. Ik kies ervoor om die te dragen. Soms worden er vragen over gesteld, die ik graag wil beantwoorden. Soms krijg ik ook commentaar. 'Roep je het antisemitisme nu niet op jezelf af?' Natuurlijk onderscheid ik me, maar wanneer ik me niet kan uiten als joods, wanneer ik bewust ervoor kies om mijn joodse identiteit niet zichtbaar te maken, puur omdat ik bang ben voor opmerkingen, ben ik dan niet stilletjes aan het onderduiken? En dat is toch niet iets wat je iemand toewenst? Iedereen zou zichzelf moeten kunnen zijn in een samenleving, dat zouden we niet geheim hoeven te houden. Of iets moeten zijn waarvoor ik me moet schamen, want het laatste wat ik doe is me schamen voor mijn joodse identiteit.

Ik ben Dalit, 24 jaar en studeer illustratie op de Willem de Kooning Academie in Rotterdam, ik zit nu in mijn derde jaar.
Naast dat ik illustreer ben ik ook schrijfster, dichter en spoken word artist. Ik ben van joodse komaf en ben ook betrokken bij de joodse gemeenschap hier. In mijn werken ben ik kritisch, ik hanteer onderwerpen als seksualiteit, identiteit (mijn joodse identiteit voornamelijk) en politiek. (Instagram/Facebook)

Beeld door Dalit Hospers.