De Armeense Genocide (1915)

De Armeense Genocide (1915)

De Armeense minderheid in Turkije was in tegenstelling tot de meeste inwoners van dat land christelijk. Zij verkeerden al sinds de 19e eeuw in een moeilijke positie, waarbij ze regelmatig het slachtoffer waren van geweld en vervolging. Toen in 1908 in Turkije de nationalistische Jong-Turken aan de macht kwamen werd hun positie er niet beter op. Publieke uitlatingen van Talaat Pasha, leider van de Jong-Turken, lieten weinig aan de verbeelding over. In januari 1915 stond in de New York Times dat volgens hem in het Turkije geen plaats meer was voor de christelijke Armeniërs en dat zij er het beste aan deden om het land zo snel mogelijk te verlaten.

Na deze uitlatingen voltrok zich in snel oplopend tempo een proces dat uitmondde in een genocide. In februari/maart 1915 werden de 100.000 tot 150.000 Armeense mannen in het Ottomaanse leger op last van de overheid ontwapend en ondergebracht in ‘arbeidsbataljons’, een eufemistische benaming voor eenheden die dwangarbeid moesten verrichten. Deze dwangarbeiders waren de eerste slachtoffers van de volkerenmoord.

Wat hierop volgde was de uitschakeling van de belangrijkste Armeense mannen: De leiders van de Armeense groepering in Turkije. De moorden van 24 op 25 april in Constantinopel (het huidige Istanbul) hadden een golf van moorden op Armeense notabelen in zes oostelijke provincies van Turkije tot gevolg.

Na hun uitschakeling was het mannelijke gedeelte van de Armeense plattelandsbevolking aan de beurt. Ze werden als menselijk lastdieren ingezet om Turkse transporten naar het front te brengen. Al snel werden ook zij echter als ‘verraderlijke’ christenen uitgeroeid.

Binnen drie maanden was de Armeense gemeenschap in Turkije ontdaan van haar mannen. De Turkse overheid ging over tot sluiting van de Armeense scholen. Docenten die weigerden over te gaan op de islam werden vermoord en kerken werden ontheiligd.

In de provincie Anatolië gaven de autoriteiten opdracht tot deportatie van de Armeniërs. Ze werden uit hun huis gehaald en te voet verdreven naar de woestijnen van Syrië, dat destijds gedeeltelijk tot het Ottomaanse Rijk behoorde. Ze moesten honderden kilometers lopen zonder fatsoenlijk voedsel of drinken. Hierdoor bezweken al snel de kinderen, bejaarden en zwangere vrouwen.

Er bestaat geen exact cijfer van het aantal Armeniërs dat ten gevolge van de deportaties, honger, verkrachting en ander geweld om het leven is gekomen. De schattingen lopen uiteen van 800.000 tot bijna anderhalf miljoen mensen.

 

Meer informatie:

http://www.armeensegenocide.info/
Aflevering Andere Tijden over Armeense Genocide
http://www.agindepers.nl (Collectie van Nederlandse krantenberichten over de Armeense genocide)