13 juni 2014

Meteen na de bevrijding begon de opsporing en berechting van collaborateurs. In de eerste naoorlogse maanden lag de nadruk op de arrestatie van ‘landverraderlijke elementen’. Twee jaar later was er meer aandacht voor het in de maatschappij opnemen van collaborateurs. Het NIOD beschikt over meerdere archieven die op deze roerige periode een licht werpen. Hieronder een korte beschrijving van een aantal van deze archieven.

Cornelis Bastiaan Los (archief 879) was ingenieur bij Philips. Na de bevrijding van Eindhoven in september 1944 spoorde hij als lid van de "Blauwe Jagers" collaborateurs op. Tot juli 1945 was hij als militair-commissaris voor het district Deventer verantwoordelijk voor de wederopbouw in de regio en de opsporing van collaborateurs.

C.B. Los

Johannes Hubertus Passtoors (archief 881) was werkzaam bij het Militair Commissariaat in de provincies Brabant en Overijssel. Hij hield zich onder meer bezig met benoemingen van burgemeesters en de zuivering van gemeente- en bioscooppersoneel.


J.H. Passtoors

Jacob Kooij (archief 449) was in de oorlogsjaren rechercheur bij het Groningse Politiekorps. Na de oorlog werkte hij bij de Politieke Recherche Afdeling om oorlogsmisdadigers op te sporen. Hij deed onderzoek naar de slachtoffers van de beruchte SD'er Robert Lehnhoff en naar de Sicherheitsdienst te Delfzijl en op Schiermonnikoog. Hierbij stuitte hij op veel informatie over de zogeheten Silbertanne-moorden.
 

De Haagse politieagente Dora Lignac (archief 478) was vanaf 15 mei 1945 commandante van de Centrale Verzamelbewaarplaats te Scheveningen. Hier werden vrouwelijke politiek delinquenten vastgehouden en voorbereid op een terugkeer in de maatschappij. Hoewel sommige bewaaksters kleding en sieraden aan de gevangenen ontfutselden, ontving Lignac gedichten en tekeningen van de gedetineerde vrouwen. Later zou zij als inspectrice van de bijzondere rechtspleging de misstanden in de bewarings- en verblijfkampen aan de kaak stellen.


Bewaaksters in een cellengang, juli 1945.

Tijdens de bezetting was Jan Woestenburg (archief 870) een van de leiders van het clandestiene blad "Ons Volk". Na de bevrijding kwam hij in dienst van de Stichting Toezicht Politiek Delinquenten (STPD) die licht gestrafte collaborateurs begeleidde bij hun terugkeer in de maatschappij. In mei 1947 vertrok hij met een groep gestraften naar Nieuw-Guinea om een Amerikaanse legerbasis te ontmantelen en overtollig geworden legermaterieel te sorteren. De meesten

keerden na ruim twee jaar terug naar Nederland. Dertig verkozen om in zich in Nieuw-Guinea te vestigen.


aankomst op de rede van Biak, 1948.