16 december 2014

Unieke brieven uit 1915 aan de student Anton Mussert zijn gedigitaliseerd en via de NIOD-website beschikbaar gesteld. De brieven zijn geschreven door Maria Witlam, de zus van zijn moeder met wie Mussert in 1917 zou trouwen.

Maria (Rie) Witlam had in 1915 een betrekking bij de familie Duijs in hun villa Het Terras aan de Beaufortlaan in Baarn. Als verpleegkundige zorgde ze voor de vrouw des huizes. Een jaar eerder had ze haar achttien jaar jongere neefje Anton Mussert verpleegd toen die aan een zware nierziekte leed. De in die periode opgebouwde relatie mondde in september 1917 uit in een huwelijk.

In 1915 verbleef Anton bij zijn zus Leni en zwager Wim Terpstra om aan te sterken na zijn kwaal. Uit deze periode zijn drie brieven bewaard gebleven die Rie schreef aan neef en aanstaande echtgenoot. De brieven bieden enig inzicht in de perikelen van geliefden die achttien jaar schelen.

Zo pakte Rie’s bedoeling om Anton te verwennen met een duur cadeau helemaal verkeerd uit. In plaats van dankbaarheid te tonen, voelde Anton zich beledigd. Hij vreesde dat Rie hem niet voor vol aanzag. Op donderdag 22 april 1915 schreef ze een brief waarin ze dit weersprak: “Nee boy, ‘k geloof dat hier je overgevoeligheid je hier parten speelt. Omdat ik nu toevallig in de gelukkige omstandigheden ben dat ik over ruimere geldmiddelen beschik dan jij, mag ik daarom niet trachten je leven wat prettiger te maken?”. Ze dikte het nog ietsje aan met de mededeling dat ze die avond “niet meer in de stemming was” om meer te schrijven.

Anton begreep de hint kennelijk want vijf dagen later liet hij “bloemetjes” bezorgen bij Rie. Toch was hij nog niet tevreden. Rie had haar brief namelijk geadresseerd aan “den Heer A.A. Mussert”. Dat kon niet door de beugel, want als student wilde Anton aangeschreven worden met de titel weledelgeboren. Hij verweet haar te denken “nu ja, t’is nog maar een joggie”. Het kostte Rie een nieuwe brief om aan “jou lieve ijdeltuit” uit te leggen dat het niet haar bedoeling was geweest hem neer te zetten als een “huisknecht of staljongen”.

Vanwege de unieke historische waarde van deze brieven zijn ze slechts digitaal raadpleegbaar.