19 juni 2018

Vandaag verschijnt de bundel 'Understanding the Age of Transitional Justice: Crimes, Courts, Commissions, and Chronicling'  samengesteld door Nanci Adler (hoofd Genocide Studies NIOD).  Een van de eerste grote internationale processen was het International Military Tribunal for the Far East, ook wel het ‘Tokio-proces’ genoemd. Het NIOD beschikt over een omvangrijk gedigitaliseerd archief van dit proces.

Door Rolf Utermöhlen

A birdeseye view of the courtroom in the War Ministry building, Tokyo, Japan, where members of the International Military Tribunal for the Far East have reconvened after a recess of almost six months. During this time, interpreters have been translating the verdicts against Tojo and the twenty four other alieged Japanese war criminals. NI 8054
Beeldbank WO2 - NIOD 57994

Terwijl de Duitse oorlogsmisdadigers werden berecht in Neurenberg, werd het tribunaal in Tokio voorbereid om de kopstukken van de Japanse bezetting van Azië in de periode 1930-1945 te berechten. Het proces duurde van april 1946 tot november 1948. Vanwege de betrekkelijke onbekendheid van de Japanse leidende figuren die terechtstonden is het tribunaal  lange tijd onderbelicht gebleven, maar de laatste jaren neemt de belangstelling ervoor toe. 

Beeldbank WO2 - NIOD 25567: Japanese military, naval and civilian leaders, accused as war criminals, stand as judges of the International War Crimes Tribunal for the Far East, enter the courtroom in the War Ministry Building in Tokyo.
 

Nadat al vanaf 1943 door internationale commissies bewijsmateriaal was verzameld tegen Japanse oorlogsmisdrijven, brachten de capitulatie van Japan op 15 augustus 1945 en de Amerikaanse bezetting van Japan de berechting van de oorlogsmisdrijven in Azië in een stroomversnelling. Generaal MacArthur kreeg als oppervelhebber van de geallieerde strijdkrachten in oktober 1945, verregaande bevoegdheden om een internationaal tribunaal in te stellen en daarvoor Japanners te arresteren.

Ruim duizend Japanse officieren pleegden in afwachting van hun arrestatie zelfmoord. Van de aanvankelijk – in grote haast – 250 gearresteerde verdachten werden er uiteindelijk - nogal willekeurig - 25 geselecteerd, allen generaals en politieke leiders, met als bekendste Hideki Tojo, eerste minister van 1941 tot 1944. De Japanse keizer bleef buiten schot, tot ongenoegen van een aantal bondgenoten. De verdachten werden beschuldigd van het plegen van misdrijven tegen de vrede en van misdaad tegen de menselijkheid.    

Aan het proces namen de landen deel die de capitulatievoorwaarden hadden ondertekend: de VS, Groot-Brittannië, Frankrijk, China, de Sovjetunie, Nieuw-Zeeland, Australië, Canada en Nederland. India en de Filippijnen traden ook toe. Niet alle landen die door Japan waren bezet waren echter vertegenwoordigd en het deelnemen van Japan zelf werd politiek gezien niet opportuun geacht.

Voor dit tribunaal leverde ieder land een rechter en een aanklager. Er was één hoofdaanklager en rechters beslisten bij meerderheid van stemmen. Elke verdachte kreeg een advocaat. In een aantal fasen van het proces kwam de oorlogvoering per land aan de orde. W.G.F. Borgerhoff Mulder werd aanklager voor het Nederlandse aandeel in de 12e fase. Als Nederlandse rechter trad B.V.A. Röling op. Uiteindelijk vielen zeven doodvonnissen, twee tijdelijke en zestien levenslange gevangenisstraffen, waarvan een groot aantal gevangenen in de jaren ’50 werden vrijgelaten.

Het proces kreeg kritiek, van Japan dat het partijdigheid verweet, maar ook van geallieerde kant, dat het tribunaal soms een ‘proces van overwinnaars’ noemde.

Het Archief

Alle stukken voor de aanklacht en zittingen, die aan rechters en aanklagers werden verstrekt, belandden na afloop van de zittingen meestal in archieven van de deelnemende landen. Het NIOD kreeg van het proces een vrij complete set via het Ministerie van Buitenlandse Zaken. De stukken bevatten voornamelijk het verslag van de zittingen en de bewijsstukken. Daarnaast de documenten die betrekking hebben op het Nederlandse aandeel in het proces.

Het archief is hier digitaal te raadplegen.          

Verder lezen?

  • Hugo Röling: De rechter die geen ontzag had: Bert Röling en het Tokiotribunaal (Amsterdam, 2014)
  • Kees van Beijnum: De offers (Amsterdam, 2014)