23 april 2020

Vandaag is het de geboortedag van Loe de Jong (24 april 1914 – 15 maart 2005),  ‘aartsvader van het NIOD’. Op zijn zestigste verjaardag werd voor hem een liber amicorum (Latijn voor vriendenboek) gemaakt door collega’s. F. de Rochemont, hoofd van de Indische Afdeling van het RIOD tussen 1973 en 1989, maakte deze tekening van zichzelf als bijdrage aan het boek. De Rochemont is in 1929 in Bandoeng geboren. Hij maakte niet alleen de Japanse bezetting mee, maar ook de Bersiap tijd, de tijd waarin veel Indische Nederlanders door Indonesische strijders werden vermoord of in kampen werden gezet. De Rochemont was zijn carrière begonnen bij het Gemeentearchief en werd in 1970 aangesteld bij het RIOD. De Indische afdeling kreeg in 1971 een eigen kantoor aan de Prins Hendriklaan 28 in Amsterdam. Op de tekening is deze dependance van het RIOD ook te zien. De Rochemont kreeg de belangrijke taak de Indische collectie te inventariseren en toegankelijk te maken. Dat was zo langzamerhand een urgente kwestie geworden, want De Jong zou snel gaan beginnen met deel 11, de geschiedschrijving van Nederlands-Indië in oorlogstijd. De Rochemont stelde voor De Jong een selectie van zesduizend items samen, compleet met de benodigde trefwoorden.

Op 2 februari 1982 kondigde Loe de Jong aan dat hij over veertien dagen langs zou komen om te kijken wat de Indische afdeling ‘te bieden had’. De Rochemont kan zich het moment nog goed herinneren toen Loe de Jong voor het eerst langskwam: ‘Op 15 februari [1982] kwam De Jong mijn kamer binnen. Hij begaf zich linea-recta naar de bewuste bureautafel, nam plaats, en terwijl hij met zijn rechterhand zijn muts afzette, veegde hij met een groot gebaar van zijn linkerhand alle documenten op een hoop om plaats te maken voor een asbak. Daarna was het stil. Nog voordat ik het mij realiseerde, was hij al aan het werk.’ Het was de bedoeling dat de geschiedenis van Nederlands-Indië in oorlogstijd in één band behandeld zou worden, maar het werden er uiteindelijk vijf. Als het aan De Jong had gelegen, waren het er zes geworden. De Indische delen zouden de meest controversiële en gekritiseerde delen uit Loe de Jongs’ serie worden.  

Bronnen: Max Pam, De onderzoekers van de oorlog; het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie en het werk van Dr. L. de Jong; Michiel Gruythuysen, In de tussenruimte: Het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie en de erfenis van het Indisch verleden.