3 mei 2016

Op 5 mei herdenkt Nederland de bevrijding. In Nederlands-Indië duurde de bezetting echter nog tot augustus 1945. Maar ook na de Japanse capitulatie waren de geïnterneerde Nederlanders nog niet vrij. Voor hun eigen veiligheid moesten ze nog in de kampen blijven waar Japanse soldaten hen beschermden tegen Indonesische vrijheidsstrijders. Deze gewelddadige periode in de herfst van 1945 staat bekend als de Bersiap-periode. Het NIOD beschikt over een ooggetuigenverslag van de gewelddadigheden in Semarang, een stad op het eiland Java.

In het hospitaal in Bangkok ontving Ton een telegram van zijn vader met de mededeling dat Cor en de kinderen op weg waren naar Nederland.

Tijdens de Japanse aanval op Nederlands-Indië begin 1942 raakte reserve 2e luitenant Ton de Vos tot Nederveen Cappel (1904) krijgsgevangen. Omdat hij civiel ingenieur weg- en waterbouw was, moest hij in zijn woonplaats Semarang helpen bij het herstel van de spoorwegen. Op verdenking van deelname aan een vernielingsploeg arresteerde de Kempetai hem.

Na de bevrijding verbleef hij in een hospitaal in Thailand en kreeg per brief voor het eerst in drie jaar contact met zijn echtgenote Cor Muller (1910), die met hun drie kinderen de oorlog in kampen overleefd had. In september 1945 werd zijn gezin in huis genomen door een Indische collega van Ton, vlak bij het oude Wilhelminaplein in Semarang.

Een brief waaraan echtgenote Cor op zaterdag 13 oktober 1945 begon, moest zij onderbreken door oplaaiende gewelddadigheden. Pas twee weken later kon zij haar man schrijven wat er was gebeurd: "In de nacht van Zondag op Maandag begon de pret, eerst met een zacht siap-geroep, slaan tegen de lantaarnpaal en vervolgens rennen van bloote voeten en tenslotte het schieten. Het bleek ons al gauw dat we niet gelukkig zaten, de kampong achter ons bleek namelijk een hoofdkwartier te zijn. [...] We zaten er net tusschen, van achter schoten de Javanen, aan de voorkant de Jappen. De kogels vlogen door het huis, door de keuken kwam zelfs een kanonschot, de ravage was ontzettend [...]'.

Eind december kon Cor met haar kinderen repatriëren. Ze trok in bij haar ouders in Apeldoorn. Pas op 22 juli 1946 werd zij herenigd met Ton, die haar een kort telegram stuurde: "Zoojuist aangekomen".

De correspondentie van Ton en Cor is ondergebracht in Collectie 247 inventarisnummers 956-960.