9 maart 2016

Het NIOD beschikt over een prachtige Collectie Correspondentie (archief 247). Op dit moment bestaat deze collectie uit meer dan driehonderd beschreven archiefstukken, hoofdzakelijk brieven. De brieven werden door zeer uiteenlopende mensen geschreven, zowel door slachtoffers van de Jodenvervolging en de Arbeitseinsatz als door collaborateurs en Duitse militairen. Een aanzienlijk deel van de collectie bestaat uit brieven die zijn geschreven in Nederlands-Indië. Hieronder lichten we het verhaal van de Haagse keurmeester van vee en vlees Henk den Hoed uit.

De PTT voorzag de geborgen brieven van een speciaal etiket, dat overigens een verkeerde datum vermeldt.

De Haagse keurmeester van vee en vlees Henk den Hoed was 34 toen hij half november 1944 tijdens een razzia werd opgepakt. Nuchter liet hij zijn vrouw Ien weten: “ik ben de pisang”. Met een Rijnaak vaarde hij samen met lotgenoten naar Amsterdam en daarna naar het Duitse Lübeck. Hij moest daar werken in de hoogovens van de Hanzestad. Het slechte weer en matige voedsel doorstond Henk manmoedig, maar hij vond het vreselijk dat hij de verjaardag van zijn zoontje moest missen en niet bij de geboorte van zijn tweede kind kon zijn. Weemoedig begon hij een aantal brieven met “Lieve Ien, Rudy en ??”.

Drie brieven van zijn echtgenote kwamen nooit bij Henk in Lübeck aan. Zij bevonden zich in een postzak aan boord van de "Groningen IV", een Lemmer-boot die in de nacht van 8 op 9 januari 1945 op het IJsselmeer zonk. Een tegemoetkomend schip ramde de “Groningen IV”. Hierbij vielen dertien doden. Pas anderhalf jaar later kon het wrak geborgen worden. Voor zover de afzenders of geadresseerden te traceren waren, leverde de PTT de brieven alsnog op de juiste adressen af. Zodoende kon Henk lang na zijn thuiskomst alsnog de brieven van Ien lezen.

De opgedoken brieven van Ien zijn ondergebracht in collectie 247, inventarisnummer 881.