Promotietrajecten bij het NIOD

Bij het NIOD werken zogenoemde ‘interne’ en ‘externe’ promovendi. Deze  promovendi (of PhD-kandidaten) hebben een masteropleiding afgerond en werken zelfstandig aan wetenschappelijk onderzoek. Dit resulteert in een proefschrift en het behalen van de academische graad van doctor (dr.).

Verschillende promotietrajecten

In de regel gaat aan een intern promotietraject een sollicitatie op een vacature vooraf. Een interne promovendus is primair in dienst bij het NIOD, waarbij een externe promovendus primair bij een ander instituut of een universiteit werkt en als gastonderzoeker aan het NIOD verbonden is. Soms werken deze promovendi in eigen tijd of met eigen middelen aan de promotie. In elk geval is er altijd een universiteit betrokken bij de promotietrajecten aan het NIOD. Dit betekent ook dat de uiteindelijke promotie en verdediging van het proefschrift plaatsvindt aan de betreffende universiteit. Beide typen promovendi worden begeleid door één of meerdere NIOD-onderzoekers.

Procedure intern promotietraject

Vacatures voor de interne promotietrajecten worden gepubliceerd op Academic Transfer, de vacaturepagina van de website van het NIOD en de website van de universiteit die aan de promotie verbonden is.

Het NIOD is een instituut is van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW). Dit betekent dat een interne promovendus in dienst is bij de KNAW en recht heeft op de secundaire arbeidsvoorwaarden van de KNAW. In de praktijk zijn promovendi werkzaam op het kantoor van het NIOD aan de Herengracht in Amsterdam en worden ze onderdeel van de afdeling Onderzoek van het NIOD.

Procedure extern promotietraject

Externe promovendi werken als gastonderzoeker bij het NIOD. Hoewel ze een ander dienstverband hebben, zijn ze welkom bij alle activiteiten van de afdeling Onderzoek. In de praktijk zal de begeleiding door NIOD-onderzoekers wat afwijken van die van de interne promovendi, omdat het onderzoek meestal niet voltijds uitgevoerd wordt. Wel kan er voor een extern gefinancierd promotietraject beperkt aanspraak gemaakt worden op budget van het NIOD voor conferenties en dergelijke.

Wat biedt het NIOD promovendi?

Afhankelijk van het type promotietraject en de afspraken met andere betrokken instituten, financiers of universiteiten, biedt het NIOD de volgende zaken aan haar promovendi:

  • Bij de start van een aanstelling als promovendus worden door promotor(en) en promovendi gezamenlijk wetenschappelijke onderzoeksdoelen, -opzet, en (start)vragen geformuleerd. Ook worden duidelijke afspraken gemaakt over de aard en de frequentie van bijeenkomsten en begeleidingsgesprekken. Deze afspraken worden verwerkt in een ontwikkelings- en begeleidingsplan.
  • Promovendi worden begeleid door minimaal twee en maximaal vier promotoren, volgens de richtlijnen van de VSNU.
  • Promovendi worden aangemoedigd een rijk academisch cv op te bouwen. De promotor heeft hierin een rol als inspirator en zet actief het eigen academisch netwerk en ervaring hiervoor in. Concreet betekent dit dat een promotor de promovendus begeleidt en stimuleert aan conferenties deel te nemen en te publiceren in academische tijdschriften. Ook is het de taak van een promotor de promovendus te wijzen op fondsen en beurzen voor verdere carrièreontwikkeling of vervolgonderzoek.
  • Promovendi worden ingebed in een passende onderzoeksschool. De promovendus wordt gefaciliteerd en aangemoedigd actief mee te doen met het aanbod van de onderzoeksschool. Daarnaast maakt de promovendus onderdeel uit van de onderzoeksafdeling van het NIOD en kunnen deelnemen aan presentaties en discussies op het instituut.
  • Het NIOD stelt een meer ervaren medewerker aan als promovendi-mentor om promovendi te ondersteunen bij het promotietraject.
  • Promovendi worden uitgenodigd onderdeel te worden van een actieve groep van NIOD-promovendi, die o.a. lezingen, discussie- en leesgroepen en jaarlijks een sociale activiteit organiseert.
  • Tegen het einde van het eerste jaar worden concrete afspraken gemaakt over nevenactiviteiten zoals het geven van onderwijs, het organiseren van een conferentie, workshop, etc. Daarnaast spelen promotoren in het laatste jaar van het promotietraject een actieve rol in het inspireren en stimuleren van verdere academische carrièreontwikkeling van de promovendus na de promotie.
  • Na het eerste jaar krijgt een promovendus budget toegewezen voor conferenties om tussentijds onderzoeksmethoden en -resultaten te presenteren en te bespreken in een wetenschappelijke setting. Gedurende het promotietraject kan promovendus twee keer naar een grote conferentie, waarvan minimaal een conferentie in een internationale setting plaatsvindt.

Actuele promotietrajecten

Interne promovendi in dienst bij het NIOD:

  • Afke Berger werkt aan een proefschrift over het functioneren van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en lokaal bestuur in Nederland tussen 1933 en 1946 VNG.
  • Ina-Maria Duijnhouwer onderzoekt de vervolging van de Joodse gemeenschap te Enschede (Overijssel) tijdens de Tweede Wereldoorlog, met een focus op het proces van ontrechting en het naoorlogs rechtsherstel.
  • Adieyatna Fajri richt zich in zijn proefschrift op de archeologische en museologische sporen van de vernietiging van het koninklijk paleis van Banten door de Nederlandse koloniale regering. 
  • Meta Huijsmans onderzoekt in haar proefschrift roof en ontrechting van Joden in Zwolle ten tijde van de Tweede Wereldoorlog en het naoorlogse rechtsherstel.
  • Floris Kunert werkt aan een proefschrift over rechtsherstel in relatie tot de roof van cultuurgoederen tijdens het naziregime.
  • Niels Mathijssen doet voor zijn promotie biografisch onderzoek naar Poncke Princen, een Nederlandse soldaat die tijdens de oorlog in Indonesië (1945-1949) deserteerde en overliep naar de Indonesische vrijheidsstrijders.

Externe promovendi met een gastonderzoekerschap bij het NIOD:

  • Paul Bakkum is verbonden aan de Bergische Universität Wuppertal. Aan de hand van de dagboekencollectie van het NIOD onderzoekt hij het dagelijks leven tijdens de bezetting van Nederland. 
  • Ivo van Donselaar is verbonden aan de Universität Münster en de Radboud Universiteit Nijmegen. Hij onderzoekt de lange termijn ontwikkeling van het pan-Germaanse denken en de Germaanse identiteitsvorming in Nederland tussen 1880 en 1945.
  • Gerry Faber is geschiedenisleraar op het Dalton Lyceum Barendrecht en voor haar proefschrift verbonden aan de Universiteit van Amsterdam. Ze onderzoekt het proces tegen de gevangenen-functionarissen van het concentratiekamp Mauthausen.
  • Lucy Gaynor is verbonden aan de Universiteit van Amsterdam. Voor haar proefschrift onderzoekt  ze de bespreking van geschiedenis in internationale strafprocessen, door middel van de verklaringen van getuigen-deskundigen. 
  • Renske Krimp werkt als beleidsadviseur en onderzoeker bij het Nationaal Comité 4 en 5 mei. Voor haar proefschrift is ze verbonden aan de Universiteit Utrecht. Ze onderzoekt de herinnering van Nederlanders die in het kader van de Arbeitseinsatz dwangarbeid moesten verrichten voor nazi-Duitsland.
  • Merel Meijer is promovendus met een NWO-lerarenbeurs en voor haar proefschrift verbonden aan de Universiteit van Amsterdam. Haar onderzoek richt zich op het uitgaansleven in Amsterdam tijdens de Duitse bezetting (1940-1945). 

Voor vragen over de promotieprojecten van het NIOD kan contact opgenomen worden met de secretaris Onderzoek: bestuurssecretariaat@niod.knaw.nl.

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Blijf elke maand op de hoogte van nieuwe publicaties, evenementen en meer.

 
 

NIOD

Herengracht 380

1016 CJ Amsterdam

Openingstijden studiezaal

Di - Vr: 09:00 - 17:30 uur

Gesloten op maandag

Let op:

Het NIOD zelf is op maandag gewoon geopend.

Archiefmateriaal schenken aan het NIOD?