Cambodja (1975-1979)

Cambodja (1975-1979)

In Cambodja werd van 1975 tot 1979 onder leiding van Pol Pot bestuurd door de communistische Rode Khmer.  Het regime wilde een autarkische (zelfvoorzienende) communistische staat realiseren. Steden moesten verdwijnen en iedereen zou boer worden. Geld, onderwijs, godsdienst en privé bezit werden afgeschaft. Huwelijken werden gearrangeerd en kinderen werden gescheiden van hun ouders. De utopie van de Rode Khmer moest worden bewerkstelligd door een arbeidsinzet van de hele Cambodjaanse bevolking, die meteen na de machtsovername van de Rode Khmer op 17 april 1975 naar het platteland werd gedeporteerd.

Een onderdeel van het regime van de Rode Khmer was de systematische terreur. Dit betekende in de praktijk dat iedereen werd uitgeroeid die met het oude regime had samengewerkt en etnische minderheden. Dit waren de hoger opgeleiden, Vietnamezen, islamitische Chams en boedistische monniken.

De mensen stierven van honger en uitputting, door ziekten en executies. Mannen, vrouwen en kinderen werden gescheiden van elkaar en moesten honderden kilometers van huis rijst verbouwen en irrigatiekanalen aanleggen om de agrarische revolutie vooruit te stuwen. Duizenden Cambodjanen werden gemarteld in Tuol Sleng, een oud schoolgebouw, ook wel S 21 genoemd.

De terreur van gehoorzaamheid aan de Partij leidde uiteindelijk tot ongeveer twee miljoen doden, een kwart van de bevolking.

 

Meer informatie:

Cambodja en de opkomst van de Rode Khmer '45-'79 (scholierenwerkstuk van Simon Steenhuis)
http://www.yale.edu/cgp (Engelstalige website van Yale University over de genocide in Cambodja)